| |
|
|
|
Digi-generatie
Als ik dit schrijf is Nederland nog helemaal in de ban van Sven Kramer, de man die voor het oog van de gehele wereld niet alleen ons land maar vooral ook Friesland op de kaart zette met een Olympisch record. Talent is niet het enige wat deze 23-jarige schaatsreus uit Heerenveen tot een kampioen maakt. Natuurlijk heeft hij een ‘Olympisch’ lichaam. En natuurlijk lijkt het alsof het hem allemaal makkelijk afgaat. Dat moet voor grote kampioenen wel eens lastig zijn: uitleggen dat succes het resultaat is van 90 procent transpiratie en training en 10 procent talent en aanleg. Mooi is in elk geval dat Sven een jongen is die een nieuwe generatie jongeren weet te inspireren. Ook in onze branche zijn – talentvolle - jongeren in opmars. Kijk alleen al naar de bezoekers en de toeristen van onze hoofdstad: zestig procent bestaat uit twintigers en dertigers. The Bulldog heeft het al over ‘digihippies’: een nieuwe lichting blowers die gewapend met laptop binnen no time filmpjes van de coffeeshop online zetten of twitteren dat ze een goede strain hebben ontdekt. Of een waardeloze – want de New Generation is ook vooral verdomde kritisch. `We respecteren de Old School’, zeggen de ‘upcoming’ jonge honden in de branche, ‘maar we pakken de draad op waar de gevestigde orde is blijven stilstaan’. Zo hoort het ook: genetisch voortborduren op de ‘Old School Friesland Indica om een sterke outdoor strain te krijgen die ook in onze buitentuin goed gedijt’. Ik moet dan meteen aan onze Sven denken – ook al zo’n prachtig voorbeeld van sterke Friese genetica . Zoals gezegd: ook op internet laat de nieuwe generatie van zich horen. Onze redacteur Roy Leeman dook in de wereld van de groepshyves en ontdekte de meest maffe profielen: het is lachen op de kabouterwesley.hyves.nl! Even serieus: neem eens een kijkje op Cannabisconsumenten.hyves.nl of surf naar Hippies-4-ever.hyves.nl. Het debat over cannabis vindt meer dan ooit plaats in de digitale coffeeshop! We zijn altijd erg kritisch over burgemeester Job Cohen, maar een compliment is wel op zijn plaats nu hij – ongetwijfeld met behulp van de democratische platforms op het internet - de Amsterdamse leerlingen vroeg wat zij eigenlijk vinden van de 250 meter afstandsnorm. En wat blijkt? Zij vinden cannabis een stuk minder gevaarlijk dan alcohol, dus ze vinden het een overbodige maatregel! Mogen we hier uit concluderen dat de politiek meer naar de jongeren moet luisteren en moet ophouden met de grootscheepse betutteling? Scheelt ook een hoop bureaucratische onzinregelgeving. Tweede Kamer: doe er je voordeel mee!
|
|
|
|
|
Dat er ‘meer’ is dan het leven dat wij waarnemen, dat geloof ik wel. In mijn badkamer bijvoorbeeld. Ik kan niet al het leven daar zien, maar denk dat de wetenschap het bestaan daarvan makkelijk kan bevestigen: ik ben niet zo’n schoonmaker. Als ik de juiste drugs op heb, zie ik dat leven zo af en toe wel. Ook dat is waarschijnlijk wel te verklaren met perspectietheorieën (als dat al een wetenschappelijke term is), maar dat wordt moeilijker wanneer ik wil uitleggen wat ik zo af en toe denk waar te nemen in de bossen, in de lucht of bijvoorbeeld boven een mensenmassa. Voor het gemak noem ik dat vaak God, hoewel ik de aanduidingen Allah, Jah of het Grote Alles ook geregeld gebruik.
Dat de overlevering van dergelijke waarnemingen, hoewel meestal spectaculairder, en bijbehorende wijsheden zijn opgenomen in Heilige Schriften, dat wil ik ook nog wel voor waar aannemen, maar van religies (alle religies) moet ik over het algemeen niet veel hebben. Het is de vastgestelde hiërarchie van ideeënaandragers die me daar zo in tegenstaat: Iedere kerk kent tenslotte wel zijn eigen flapdrol die het allemaal denkt te weten, maar meestal gewoon een slecht verhaal houdt. Op de Amsterdamse lokale zenders kun je ze met enige regelmaat bekijken: de babbelaars met opgestoken vinger.
Zo zapte ik laatst langs een Islamitische geestelijke, die er een eeuwigheid voor nodig had een uiterst matig onderbouwde stelling te poneren, die je ook in twee korte zinnen had kunnen formuleren. Het ging over slapen, wat in zijn geval wel heel toepasselijk was: om er achter te komen wat ie te melden had, moest ik een slaapverwekkend lang betoog aanhoren.
Slapen was belangrijk, zo hoorde ik hem zeggen. Iedereen slaapt: mannen, vrouwen, kinderen. En ja: dat gebeurde meestal ‘s nachts, iedereen sliep (mannen èn vrouwen) en slapen was belangrijk. Iedereen slaapt. Om een goed betoog op te bouwen kun je natuurlijk wat piketpaaltjes slaan; deze man bouwde rond zijn eerste feiten echter een compleet fort van wapenvrij beton. Slapen is belangrijk, iedereen slaapt, mannen en vrouwen. Pas toen dat vele malen was herhaald, volgde wat de Islam er volgens hem over zei: de mens moet op zijn rechterkant slapen.
Waarom was dit nu zo, vroeg hij zich af. Hij wist de vraag op vele manieren te stellen: Waarom nu, zegt de Islam, dat je op je rechterkant moet slapen? Of de Islam dat inderdaad leert weet ik niet, maar van hem wilde ik dat niet zondermeer aannemen. Waarom zegt de Islam dit? Waarom moet je op je rechter enzovoort? Slapen is belangrijk, iedereen slaapt enzovoorts. Mannen, vrouwen... En toen speelde hij plots een troef uit: Zelfs de wetenschap had nu bewezen dat op je rechterkant slapen beter is. De man gaf zijn gehoor ruim de tijd om van de schrik te bekomen. Alle voorafgaande beweringen werden nog een keer doorgenomen, om weer tot dezelfde conclusie te komen: de wetenschap gaf de Islam hierin gelijk. En alsof hij nog moest bewijzen dat dit wel degelijk op objectieve wijze was vastgesteld, vertelde hij dat het onderzoek door een Hindoe uit India was verricht. Die had maarliefst 25 (!) mensen onderzocht: de ene helft (van 25? dacht ik nog) had op de linkerkant, en de andere helft op de rechterkant geslapen. De resultaten bleken van Tell Sell-achtige proporties: de rechterkant had gewonnen: zij voelden zich het best. Inwendig juichte ik, want blijkbaar had ik -hoewel onbekend met deze materie- vrijwel al mijn nachten onbewust Allah’s wil opgevolgd.
De spreker gaf zijn gehoor ruim de tijd de informatie te laten bezinken, en herhaalde het hele onderzoek tot drie keer toe. En omdat de wetenschap natuurlijk sceptisch is, was de onderzoeker ook nog naar een verklaring op zoek gegaan. (‘Zij hebben ook nog een verklaring gezocht. Zij dachten: Hoe kan het toch dat op de rechterkant slapen enzovoorts. Zij wilden weten waarom dat nu enzovoorts’) En wat hadden zij gevonden? Dat het hart links zit (dat hadden ze ontdekt, zo zei ie in alle mogelijke varianten) en dat op de rechterkant slapen er voor zorgt dat er minder druk op dat hart komt. Ik geef u de uitkomst maar meteen, maar kan u verzekeren dat ik er een stuk langer op heb moeten wachten. Het werd ook nog in verschillende bewoordingen herhaald, maar dat veranderde niets aan mijn kennis daarover.
Misschien is het een idee voor die man om zijn verhaal voortaan te beperken tot: ‘De Islam leert ons dat op je rechterkant slapen beter is, en dat blijkt ook uit onderzoek: er komt dan minder druk op je hart, dat aan de linkerkant zit.’ Dan kan iedereen voortaan net iets langer in z’n nest blijven liggen, want dat is tenslotte ook belangrijk.
|
|
|
| |
|