Als kind moest ik al vaak met de tram. Later als scholier zelfs dagelijks. Niet dat ik dat graag deed, maar ik had weinig keuze. Omdat ik op de Grafische School zat moest ik vaak enorme tekenkoffers, tekenhaken en stapels boeken meesjouwen. Dus fietsen was niet altijd mogelijk. Zeker als je ook nog gymnastiek had was je soms net een pakezel. Dus daar zit je dan (als je mazzel hebt) elke dag tussen de mensen in gepropt met al je teringzooi. En ik denk dat ik de meeste mensen die dagelijks met het openbaar vervoer reizen niet hoef te vertellen dat je de raarste dingen meemaakt.
Zo zat ik eens als pubertje met mijn tassen op de tweezitsbank, en aan de andere kant kwam naast me op het eenpersoons stoeltje een jonge vent zitten die dacht dat hij heel erg stoer was. Hij legde zijn voeten languit op de andere stoel, stak pontificaal een sigaret op en spuugde tijdens het roken regelmatig op de vloer. Iedereen irriteerde zich natuurlijk rot aan deze debiel, dus een oude man vroeg vriendelijk of hij zijn sigaret wou uitmaken. De stoere bink deed net of hij de oude man niet hoorde. De oude man zei nu heel luid en duidelijk dat hij astma had en hij het zeer zou waarderen als de sigaret uit ging. De stoere bink negeerde de man compleet en keek rokend uit het raam. Twee andere jonge mannen hadden kennelijk ook hun irritatiegrens bereikt en kozen voor een wat beter werkende maatregel. Een van hen pakte de sigaret uit zijn mond en zei: “Als die meneer je vraagt om je sigaret uit te maken, dan doe je dat gewoon”. En toen drukte hij de peuk uit op zijn knie. Het was hartje zomer, dus korte broekenweer. Ssshhht! Daar schroeide zijn beenhaar. En onze stoere bink schrok en trok lijkwit weg. Ik vond het een geweldige actie en begon te lachen. Ik had eigenlijk wel een soort vechtpartijtje verwacht, maar hij was kennelijk zo onder de indruk dat hij zonder een woord te zeggen of iets terug te doen uitstapte. Heel bizar. Misschien was hij wel doofstom! Ach ja, moet die klootzak maar niet roken in de tram.
Een andere keer stond ik al klaar bij de deur om uit te stappen. Komt er zo’n irritante gangster Marokkaan achter me staan en die zegt letterlijk: “Je geld of je leven!” Ik was best wel verbaasd omdat ik dacht dat alleen boeven in de Donald Duck zoiets zeiden. Ik draaide me om en zei: “Doe mijn leven maar, want mijn geld zal je nooit krijgen”. Daar moest die dwaas een paar seconden over nadenken. Hij zei: “Uitstappen hier!” Ik moest er toch uit, en deed dat gewoon. Waarschijnlijk dacht hij toen dat ik onder de indruk was, dus hij riep: “Hier de bosjes in, nu!” Ik zei kalm: “Ik ga gewoon naar huis, en ik woon niet in de bosjes.” Toen liep ik rustig door en liet hem met een dom verbaasd hoofd achter. Sukkel. Eigenlijk zou je dat soort gasten ter plekke moeten afschieten. Ik moet toegeven dat ik zelf ook wel eens voor wat ongein in de tram heb gezorgd. In eerste instantie per ongeluk. Ik had namelijk opgedroogde hondenstront tussen de ribbels van mijn schoenzool en was dat al lang weer vergeten. Ik zat met mijn neef op een koude winterdag in de tram en ik had mijn voet op de gloeiend hete kachel beneden. Hierdoor begon de bevroren stront langzaam te smelten en de tram enorm te stinken. Mijn neef vroeg al of ik een scheet had gelaten, maar ik was me van geen kwaad bewust. Toen we er even later achter kwamen wat deze stank veroorzaakte moesten we keihard lachen. Alleen toen ik het de volgende rit expres deed had hij het meteen door en vond hij het toch iets minder leuk worden. Met de tram reizen is vaak al ranzig genoeg. Def P |