De lente is begonnen, niet dat dit te merken is aan het weer. Het is terwijl ik dit schrijf nog steeds bitter koud. Nee, de lente zit in mijn biologische klok. De bel van mijn klokje heeft geslagen. Mijn motor moet uit de stalling, de pekel moet van de weg. De dikke winterkleding moet weer de kast in. De t- shirt’s er weer uit. Verleden week kocht ik een boek voor mijn zoon met als extra, het boekenweekgeschenk, plus een voorniksje op de vaderlandse trein. Kijk daar word ik nu vrolijk van. Ik zou terstonds elke week een boek kopen om dan gelijk familiebezoek in het noorden van het land er aan vast te knopen. Dat is pas een boekenweekgeschenk.
Niet het boekje wat ik bij het treinkaartje kreeg. Dat geef ik ook aan mijn zoon die gelijk heel dankbaar is. “Nee pa, sorry, 1 spijkertocht in kruisbroek is genoeg voor een leven.” Voor wie is dat dan eigenlijk, dat boekenweekgeschenk? Waarschijnlijk voor de schrijver en zijn uitgever. Maar een treinreisje kan ik wel gebruiken. Ik heb genoeg aan mijn hoofd gehad.
Onzin De gemeenteraadsverkiezingen zijn juist voorbij. Zo ook de politieke campagnes. Zeker in mijn stad Rotterdam ben ik deze keer getroffen door weer een enorme hoeveelheid onzin, die voornamelijk door de CDA over de bevolking is uitgestort als gebruikelijk. En ze hebben gekregen wat ze gezaaid hebben, van vijf naar drie zetels. Toch ben ik deze keer nog erger geflipt, door de rotzooi die de PvdA in de Rotterdamse deelgemeente Charlois over de bevolking heeft uitgestrooid. Nimmer, en ik herhaal, nimmer, heb ik zulke belachelijke onzin horen uitkramen als door hun. Ik was namelijk uitgenodigd om mee te doen aan een discussiebijeenkomst, over blowen in Charlois. Als ik geweten had wat de organisatoren onder een ‘discussie’ verstonden was ik bijvoorbaat nooit gegaan. De rode draad van het geheel was een onderzoek door een of ander vaag onderzoeksbureau F. (ik weiger de naam te vermelden), wat de naam draagt van de oprichter, die overigens de enige full time medewerker is van zijn eigen bureau. Al jaren doet hij voor deze deelgemeente gesubsidieerd onderzoek. Hem werd gevraagd een goed negatief beeld te geven over jongeren die blowen. En als de hand die je voedt iets verzoekt, dan geef je de antwoorden waarom hij vraagt. De vuile geldhoer.
De deelgemeente organiseerde hiervoor deze zogenaamde discussiebijeenkomst, met als voornaamste spreker een of andere malloot die strafrecht had gestudeerd. Voor deze bijeenkomst had hij een witte jas aangetrokken, een stethoscoop om zijn nek hangen en zelfs een knipperend dokterslichtje op zijn voorhoofd. Hij vertelde met een van afschuw vertrokken gezicht dat Cannabis de grootste gesel van de mensheid was. Je kon er minstens acht soorten kanker van krijgen waaronder ook blaaskanker. Mijn opmerking dat je dat wel kan zien in de gezondheidszorg na dertig jaar gedoogbeleid, legde hij terzijde. Hij had namelijk een witte jas en ik niet. Hij was spreker en ik niet. In de tussentijd werd er een toneelstukje opgevoerd van enkele zwarte jongeren. Uit het stukje bleek dat ze waarschijnlijk alleen tegen beloning van een ons wiet dit toneelstukje wilde opvoeren. Ze maakten het eigenlijk te bont. Als dat blowers waren, liep er niemand meer normaal en op straat. Ze vielen over elkaar heen, praatten onverstaanbare wartaal. Een van hen duwde zelfs een blow in zijn neusgat en begon er hard aan te snuiven. Dat is een ‘snuifcannabist’ vervolgde de spreker. Een ander probeerde met een balpen een gat in zijn arm te prikken om daar een joint in te drukken. Die zijn nog het ergste vervolgde de spreker, de spuitcannabisten. Toen de jongen per ongeluk zijn slagader doorboorde waarna het bloed in het rond spoot en de aanstormende EHBO hem bijna onder de voet liep. Riep hij nog zien jullie hoe gevaarlijk Cannabis eigenlijk is….
Geluk met cannabis… Nee, alle gekheid op een stokje, ik overdrijf geeneens en dat is nog het ergste. Als je probeert de bevolking allerlei angsten aan te praten en bij elk maatschappelijk probleem de Cannabis de schuld geeft, dat is pas van de gekke. Je laat een paar door God verlichte junkies ten tonele verschijnen, met de opdracht: ‘Geef de Cannabis de schuld van jullie harddruggebruik’. Normaal moeten ze oprotten uit het stadsbeeld en worden door Jan en alleman gemijt. Behalve als ze door de maagd Maria zijn getroffen, in het belang van de wetgever en de politiek. Slaafs keken ze op naar hun opvoeders, doe ik het goed, mag ik nog even blijven. Of word ik weer losgelaten in deze wereld vol problemen. Makkelijk als je alles kan afschuiven op Cannabis. Hoef je niet meer na te denken. Op mijn vraag of ze nooit alcohol hadden gedronken voor hun harddruggebruik, knikte ze bevestigend. Maar dat doet toch iedereen. Dat is toch maatschappelijk geaccepteerd? Ik vluchtte de zaal uit, en stapte nahijgend de kantine in. Op dat moment kwam de heer Geluk net naar binnen. Hij zou het programma gaan afsluiten. He, meneer Geluk, een wijntje? vroeg ik cynisch. Nee, dadelijk zei hij… moet even het programma afsluiten. Binnen liep hij naar het podium en zei, ik zal het kort maken want ik heb wel trek in een borrel. Hoofdschuddend liep ik naar buiten. Is dat nu politiek bedrijven. Mensen beliegen en bedriegen. Mensen allerlei niet bestaande angsten aan praten. Alleen maar om eigen politiek gewin, om het slijk der aarde. Een discussie waar de discussiepunten al zijn ingevuld?
Geert Wilders Hoe kan je aan je kind zien dat hij Cannabis gebruikt? Wat moet je doen als je kind Cannabis gebruikt? Bij wie moet je zijn als je kind Cannabis gebruikt en er van af wil? Is toch geen discussie. Dus lekker rijden in de trein, lekker nergens over denken. Lekker kijken hoe de buurman op de bank naast mij leeft. Ik kwam bedrogen uit. Had nog geen half uurtje treinen achter de rug, om bij station Utrecht de trein volgepropt te zien worden door een horde beveiligers, met een zwarte man in het midden van hun. Wie zou dat zijn vroeg ik mij af. De man werd in de bank naast mij gepoot en een deel van zijn beveiligers namen naast hem plaats. De lege plekken naast en voor mij werden ook door hun ingenomen. Daar zat ik dan. Ze werden zo te ruiken gesponsord door Odorex. Ik probeerde nieuwsgierig een praatje met hun aan te knopen om er achter te komen wie zij beveiligen? “Ken je hem niet dan”, vroeg er eentje, “het is Geert Wilders”. Nee, zei ik ongelovig, “die is toch wit en heeft van dat lakeienhaar”, “je neemt mij niet in de maling vriend”. “Nee echt”, zei hij, “het is wel Geert Wilders”. “Hij heeft de boeken van Martin Luther King gelezen en wil nu in zijn voetsporen treden”. “Hij had een droom weet je, en is nu vast aan het oefenen”. “Maar hij is toch niet zwart zei ik”. “Niet aan de buitenkant” zei de beveiliger, “maar hij is zwart aan de binnenkant”. “Hij heeft een manier gevonden om zich binnenste buiten te keren”. He, Geert, hij gelooft me niet laat hem eens zien wie je werkelijk bent. De man knikte, pakte met zijn hand zijn voet en trok zichzelf langzaam over zijn hoofd uit en ja hoor, ze hadden niet gelogen. Als laatste verscheen het arrogante kopje met zijn lakeienpruik. Het was Geert Wilders wel. “Mijnheer”, uw kaartje aub, “wordt eens wakker mijnheer”. Slaperig keek ik om mij heen, weg was Geert Wilders, weg waren zijn beveiligers.
Verboden meditrein? “Ik ben hier namens de boekenweek” zei ik tegen de conducteur. “Waar is je boek dan” zei hij. “Dat ben ik vergeten, maar ik heb wel een ander boek. Cannabis het verboden Medicijn”. Daar kom je niet ver mee zei hij en schreef mij een bon uit. Ik ga nooit meer met de trein en lees geen boeken meer. Het lijkt me teveel op Wilders.
Ger de Zwaan. groene neger
|